“Een munt!”, roept de enthousiaste collega die na minutenlang het signaal van de metaaldetector te volgen, eindelijk wat gevonden heeft. Aan de Lagestraat 34 in Loppersum wordt archeologisch onderzoek uitgevoerd. Laag voor laag wordt de plek waar voorheen het woonhuis stond ontgraven en worden onder meer vroegere funderingen en kelders blootgelegd. Veel panden in de provincie Groningen hebben aardbevingsschade opgelopen als gevolg van de jarenlange gaswinning en dienen hersteld, versterkt of herbouwd te worden. Zo ook het pand aan de Lagestraat. Archeologen van Movares begeleiden de ontgraving voor de nieuwe funderingen. Daarbij worden geregeld vondsten gedaan met een bijzonder verhaal. Eén daarvan is de ‘munt’; of eigenlijk een rekenpenning uit 1587…
Onze archeologen een bijzondere vondst. Samen met kinderboekenschrijfster, Hanna Holwerda, brainstormen ze over de betekenis en herkomst van de vondst. Je leest het hieronder.
De munt die geen munt is
Tekst: Hanna Holwerda
Op de plek waar ooit een boekwinkel stond aan de Lagestraat in Loppersum (Gr) vinden archeologen een opvallend voorwerp: een munt die eigenlijk geen munt is. Het jaartal 1587 verraadt meteen dat het uit de nieuwe tijd komt, midden in de woelige jaren van de Tachtigjarige Oorlog. Na de overgave aan de Spanjaarden bloeit de handel op en trekken reizigers en kooplieden door de pas aangelegde Lagestraat. Heeft een van hen dit stuk verloren? Terwijl het echte onderzoek nog moet beginnen, laat ik mijn fantasie alvast haar gang gaan…
Drie personen
Ik heb een afbeelding van de munt gekregen. Al turend op mijn schermpje zie ik drie figuren. Rechts is het meest herkenbaar en ook een beetje luguber: het is een skelet. Op het eerste oog lijkt hij op te rijzen uit een graf. Maar misschien gaat mijn verbeelding een beetje op de loop. Links zie ik een persoon die lijkt te knielen. De mantel valt als een waterval rond hem op de grond. Deze persoon en het skelet kijken allebei naar de figuur in het midden. Ik stel me voor dat dit een rijke edele is, met zijn trotse houding, grote kraag en hoed.

De boodschap achter de tekst op de rekenpenning
Rond de afbeelding op beide zijden staan letters. Mijn kennis van Latijn gaat zo ver dat ik kan beredeneren dat de tekst op de munt Latijn is. Daar houdt het op. Gelukkig heb ik een paar collega’s die wel Latijn kunnen en zij storten zich op de puzzel. Ik schrijf driftig mee terwijl de vreemde klanken, naamvallen en vervoegingen me om de oren vliegen.
MVLTA SVNT MALA IMPORIVM 1587
Mala betekent slecht (of appel, wat misschien passend was geweest als hij op de andere kant stond, maar het staat bij het skelet). Imporivm is een plek waar handel wordt gedreven. En met wat sleutelen komen we tot de volgende zin:Er zijn veel slechte plekken waar handel wordt gedreven. Interessant.
QVI DNO FIDIT BONITATE EIVS CIRCVM DABITVR
Bonitate doet me denken aan Bonifatius, de missionaris die in de achtste eeuw het Christendom naar Noord-Nederland bracht. Wat hij trouwens met de dood moest bekopen. Bonitate kan goedheid betekenen. Of dat bij Bonifatius past zijn de meningen over verdeeld, maar het past wel bij de symboliek van de hoorn des overvloed.Uiteindelijk maken we er de volgende vertaling van:Hij die vertrouwd op God (of heer) wordt door zijn goedheid omringt.
Maar wat zou het kunnen zijn?
Nu we weten waar het gevonden is en wat er op het voorwerp staat, wil ik een poging wagen om te bedenken wát het is. Hoewel er een jaartal op staat, staan er geen verdere getallen op. Het lijkt geen munt te zijn om mee te betalen. Maar wat dan wel?
- De munt die geen munt is heeft een ‘goede’ kant en een ‘slechte’ kant. Ik moet denken aan het flippen van een munt. Welk elftal neemt welke zijde van het voetbalveld? Door een munt op te gooien wordt dat besloten. Hoewel de Grieken en Romeinen al een soort voetbal speelden en men vanaf de middeleeuwen een opgeblazen varkensblaas rondtrapten, denk ik niet dat ze al de voetbalvelden en spelregels hadden zoals wij die nu kennen. Maar…
- Zou het een orakelmunt kunnen zijn geweest die aangaf of je voorspoed of tegenslag zou krijgen in de handel? Stel… je schip met kostbare handelswaar staat op het punt te vertrekken over de Fivel (de rivier bij Loppersum). Is het een gunstig moment om uit te varen? Even een muntje opgooien.
- Heb je wel eens iets online besteld – het zag er prachtig uit op je scherm, maar toen je het pakketje uitpakte was het een stuk kleiner. En lelijker. Oplichters en slechte verkopers zijn van alle tijden. In de middeleeuwen ontstaan handelsgildes waarin handelaren samenwerkten. Zo’n gilde stond ook voor kwaliteit. Als een soort keurmerk. Op de site van de webwinkel staat dan een logo van een open envelopje (of huisje – net wat je erin ziet). Zou deze munt het keurmerk zijn van handelaren uit de 16e eeuw? Ik heb er nog nooit van gehoord, maar het lijkt me wel wat. Er zijn veel slechte plekken waar handel wordt gedreven, maar bij ons handelshuis word je door goedheid omringt.
Je ziet het, ik heb weer allerlei wilde ideeën. Maar wat het echt is… Dat is aan de archeologen; zij mogen de munt die geen munt is grondig gaan bestuderen. Ik ben erg benieuwd wat ze zullen ontdekken.

Hanna Holwerda – Jongbloed Media schrijft kinderboeken over geschiedenis, wetenschap en de natuur. Ze houdt ervan om in een lastig onderwerp te duiken en deze begrijpelijk te maken voor kinderen. Ze schreef onder andere De grond onder je voeten – Ga mee op tijdreis door Nederland en maakte samen met de illustratoren van Goedblauw het Zoekboek Terug in de tijd.
Rekenpenning met een verborgen agenda
Tekst: André Pleszynski & Sanne Folgerts
Zodra de metaalspecialist de vondst te zien kreeg werd duidelijk: dit is geen munt, maar een rekenpenning! Een rekenpenning was een hulpmiddel om complexe betalingsberekeningen met behulp van een telraam uit te voeren, zonder dat daarbij echt geld gebruikt moest worden. Deze penningen werden veel gebruikt in de handel en leenden zich uitermate goed voor politieke statements. Ook dit model gaat om een vorm van staatspropaganda. De republiek der zeven verenigde Nederlanden, in dit geval het gewest Holland, gaf de medailleur Gerard van Bylaer uit Dordrecht opdracht tot het slaan van een penning met daarop afgebeeld de hongersnood in het door de Spanjaarden gecontroleerde Atrecht. Op de keerzijde staat de hoorn des overvloeds die de welvaart symboliseerde van het “vrije” noorden. Hanna zat met de vertaalde Latijnse opschriften dus op het goede spoor. ‘Er zijn veel slechte plekken waar handel wordt gedreven’, verwijst naar de zogenaamde situatie in het zuiden. En ‘Hij die vertrouwd op God (of heer) wordt door zijn goedheid omringt’, naar het noorden.

De meeste mensen hebben wel eens van de unie van Utrecht gehoord. Dit was een in 1579 gesloten verdrag tussen een aantal Nederlandse gewesten om samen op te trekken tegen de Spaanse Landsheer Filips II. Het verdrag was een direct gevolg van de enkele weken eerder gevormde Unie van Atrecht waarbij de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden zowel kerkelijk als staatkundig gescheiden werden. De aangetroffen rekenpenning is een duidelijke verheerlijking van de situatie in het noorden en een verwijzing naar de erbarmelijke omstandigheden bij de vijand, het zuiden.
Hierbij is het extra interessant om te melden dat Loppersum zeer spaansgezind (katholiek) was onder heer Johan de Mepsche tot zijn dood in 1585. De Mepsche huisde op de borg Duirsum in Loppersum en had een invloedrijke functie bij de rechtsprekende instantie van de stad Groningen; De Hoofdmannenkamer. Onder De Mepsche werden de bezittingen van andersdenkenden in beslag genomen en werd er jacht gemaakt op de zogenoemde ketters. Ook spioneerde hij voor Brussel en liet hij verbannen burgers door spionnen in Ost Friesland in de gaten houden. In de periode 1588 tot 1594 werd er vervolgens veel geplunderd door staatse (protestantse) troepen, die in de Ommelanden gelegerd waren.
De vraag rest nu natuurlijk: hoe is deze staatsgezinde rekenpenning in Loppersum terechtgekomen? Is hij verloren door staatse troepen tijdens een plundertocht in Loppersum? Of was er na het overlijden van Johan de Mepsche meer ruimte voor staatsgezinde handelaren, die dit soort rekenmiddelen meenamen? De opgraving is nog niet voltooid, dus wellicht vinden we nog meer aanwijzingen wat er zich op deze plek eind 16e eeuw allemaal afspeelde.
